Milieu

Beleidsdomein Omgeving, Ministerie Omgeving en Departement Omgeving op 1 april operationeel

Op 1 april 2017 fuseren de beleidsdomeinen leefmilieu, Natuur en Energie (LNE) enerzijds, en Ruimtelijke Ordening, Wonen en Onroerend Erfgoed (RWO) anderzijds, tot het eengemaakte Beleidsdomein Omgeving. Dat beleidsdomein zal 5 agentschappen met rechtspersoonlijkheid tellen en het eigenlijke Vlaams Ministerie van Omgeving. Het ministerie bestaat op zijn beurt uit het eengemaakte Departement Omgeving en 5 agentschappen zonder rechtspersoonlijkheid.
Met een technisch besluit van 24 februari 2017 past de Vlaamse regering niet minder dan 125 uitvoeringsbesluiten aan de nieuwe structuur aan.
Voor een aanpassing van de decreten is nog een tussenkomst van de decreetgever nodig.
Verenigd... maar niet helemaal samen
Op 1 september 2016 werden de diensten van het Agentschap Inspectie RWO die gericht waren op ruimtelijke ordening en onroerend erfgoed al ingekanteld in het Departement LNE. En gingen de diensten die bevoegd waren voor het aspect Wonen al over naar het Agentschap Wonen-Vlaanderen, onder RWO.
Nu, op 1 april 2017, fuseren LNE en RWO zelf. Of zoals de Vlaamse overheid het verwoordt: op 1 april wordt LNE opgenomen in RWO en verandert RWO van naam tot ‘’Omgeving’.
Het nieuwe beleidsdomein bestrijkt de volgende materies:
  • ruimtelijke ordening (rooiplannen, stadsvernieuwing, afgedankte bedrijfsruimtes, monumenten, varend erfgoed,…);
  • huisvesting;
  • leefmilieu en waterbeleid (afval, hinderlijke inrichtingen, bodembescherming,…);
  • landinrichting en natuurbehoud (jacht, visvangst, polders en wateringen, ruilverkaveling,…);
  • plattelandsbeleid;
  • energiebeleid;
  • natuurlijke rijkdommen; en
  • dierenwelzijn.
Het beleidsdomein wordt als volgt gestructureerd:
Het Departement LNE en het Departement RWO – dat inmiddels al was afgeslankt tot het Departement Ruimte – worden dus bijeengebracht in één Departement Omgeving. Maar de afdelingen en diensten van beide departementen blijven voorlopig functioneren als afzonderlijke entiteiten, met behoud van hun huidige taken.
De interne toewijzing van de taken is immers een bevoegdheid van de leidend ambtenaar van het departement, en niet van de decreet- of besluitgever. Voor meer informatie over wie, wat zal doen binnen het nieuwe departement, is het dus wachten op het nieuwe organogram dat door de leidend ambtenaar van het Departement Omgeving zal worden opgesteld.
Voorlopig status quo voor adviesraden
De Vlaamse overheid opteert voor ten hoogste 1 adviesraad per beleidsdomein. Maar voor een herschikking van de strategische adviesraden is de tussenkomst van de decreetgever nodig. Dat duurt altijd wat langer en dus blijven de 3 strategische adviesraden die actief zijn op het vlak van ruimtelijke ordening (SARO), milieu (Minaraad) en Wonen (Vlaamse Woonraad) nog een tijdje ongewijzigd bestaan.
Op termijn zouden de SARO en Minaraad fuseren. De decreetgever werkt daarvoor aan een nieuw oprichtingsdecreet. Voor de Vlaamse Woonraad zou er weinig veranderen, want die werd al ondergebracht bij het Agentschap Wonen-Vlaanderen.
Impact op 125 besluiten
Verschillende besluiten verwijzen momenteel naar de ministeries, beleidsdomeinen of departementen LNE of RWO/Ruimte. Met haar besluit van 24 februari 2017 vervangt de Vlaamse regering al deze benamingen door Beleidsdomein Omgeving, Vlaams ministerie van Omgeving, of Departement Omgeving.
De naamswijzigingen worden onder meer doorgevoerd in Vlarem 2, in het omgevingsvergunningsbesluit, het leegstandsbesluit, het besluit van 24 maart 1993 op de geluidsmetingen, het natuurbesluit, het Seveso-samenwerkingsakkoord, het stooktoestellenbesluit, het Vlarebo-besluit, het erkenningenbesluit Vlarel, en heel veel andere besluiten. Tot zelfs in het besluit op de administratieve samenwerking inzake belastingen toe…
Bundeling op het niveau van het departement
Binnen LNE was het gebruikelijk om in decreten en besluiten rechtstreeks te verwijzen naar de betrokken afdeling of dienst, maar al die specifieke verwijzingen worden nu vervangen door een verwijzing naar het overkoepelende Departement Omgeving. De besluitgever mag immers geen taken toewijzen aan interne organen; dat kan alleen de leidend ambtenaar.
Zo wordt een verwijzing naar de “afdeling Lucht, Hinder, Risicobeheer, Milieu en Gezondheid van het Departement Leefmilieu, Natuur en Energie van het Vlaams Ministerie Leefmilieu, Natuur en Energie” voortaan geformuleerd als een verwijzing naar "het Departement Omgeving". De “afdeling Milieuhandhaving, Milieuschade en Crisisbeheer van het Departement Leefmilieu, Natuur en Energie" is de nu "de subentiteit van het departement, bevoegd voor bestuurlijke handhaving" geworden. Net zoals er naar de afdeling Milieu-inspectie wordt verwezen met "de subentiteit van het departement, bevoegd voor milieuhandhaving".
Analoog daaraan wordt elke verwijzing naar een specifieke functie vervangen door een verwijzing naar de leidend ambtenaar van het departement, met een mogelijkheid voor deze laatste om de bevoegdheid intern te delegeren.
Comitologie
Aangezien één van beide of beide voormalige departementen samen vertegenwoordigd waren in diverse comités, moet ook de samenstelling van de comités herbekeken worden.
Dat is bijvoorbeeld het geval voor de Stuurgroep GIS-Vlaanderen, de stuurgroep van de provinciale ontwikkelingsmaatschappijen, de Vlaamse Luchthavencommissie, de gewestelijke planningscommissie voor de opmaak van het Mobiliteitsplan Vlaanderen, de Milieuschadecommissie, en de landinrichtingscommissies. Het besluit past hun samenstelling aan.
Personeelsleden
Tot slot maakt de regering van de gelegenheid gebruik om de term ‘ambtenaren’ zoveel mogelijk te vervangen door het begrip ‘personeelsleden’, zodat ook contractuelen ingezet kunnen worden voor alle taken.
Van toepassing:
  • Vlaams gewest.
  • 1 april 2017. Met enkele uitzonderingen.
Bron:Besluit van de Vlaamse Regering van 24 februari 2017 tot wijziging van diverse besluiten, wat betreft het beleidsdomein Omgeving, BS 28 maart 2017.

Gepubliceerd op 28-03-2017

  241