Milieu

Europees energie-etiket: slachtoffer van eigen succes

Het Europese energielabel, dat energiegerelateerde producten volgens hun energieverbruik indeelde op een schaal van A tot G, is zo’n succes dat er nog bijna uitsluitend producten worden aangeboden in de categorieën A of B – dus met een laag tot zeer laag energieverbruik. En er komen steeds betere, energieslimme producten bij. Europa probeerde ook die een kans te geven door voor sommige productgroepen een categorie A+, A++ of A+++ in te voeren, maar dat blijkt tot verwarring te leiden bij de klanten, omdat voor het ene product een ‘A’ de beste energiekoop is, terwijl dat voor een ander product, misschien een ‘A+++’ is, of iets daartussenin.
Daarom gooit de Europese Unie het roer om. Richtlijn 2010/30 op de energie-etikettering wordt vervangen door een heuse verordening, die een regime van geregelde schaalaanpassingen invoert. Bij voorkeur om de 10 jaar.
De huidige kleurenschaal van donkergroen – voor uiterst energiezuinige producten (A) – tot dieprood – voor uiterst energieverslindende producten (G) – blijft behouden.
De nieuwe verordening vormt ook de grondslag voor een productendatabank, waaraan alle leveranciers moeten meewerken.
De verordening is een kaderverordening, die op 1 augustus 2017 in werking treedt, maar die pas echt gevolgen zal hebben als de eerste uitvoeringsverordening voor een specifieke productgroep wordt gepubliceerd.
Ook voor 2e-handsproducten
De nieuwe verordening is van toepassing op álle energiegerelateerde producten. Een energiegerelateerd product is een goed of een systeem dat in de handel wordt gebracht of in gebruik wordt genomen, en dat tijdens het gebruik ervan een effect heeft op het energieverbruik.
Met inbegrip van de onderdelen die tijdens het gebruik een effect hebben op het energieverbruik, die in de handel worden gebracht of in gebruik worden genomen voor klanten, en die bestemd zijn om ingebouwd te worden in een energiegerelateerd product.
In tegenstelling tot de richtlijn is de verordening ook van toepassing op tweedehandsproducten die voor het eerst binnen de Europese Unie op de markt worden gebracht. Deze producten werden dus al eerder op de markt gebracht in een derde land.
Net als haar voorgangster geldt de verordening niet voor ‘vervoermiddelen voor personen- of goederenvervoer’, en daar vallen volgens de toelichting ook de liften, roltrappen en transportbanden onder.
Net als vroeger krijgen de energiegerelateerde producten:
  • een energie-etiket;
  • standaardproductinformatie over de energie-efficiëntie, het energieverbruik en het verbruik van andere hulpbronnen tijdens het gebruik (niet: tijdens de ontwerpfase, want dat wordt geregeld in de ecodesign-richtlijn); en
  • aanvullende informatie over de producten.
Schaalaanpassing van alle bestaande etiketten
De Europese Commissie krijgt in de verordening de opdracht om alle energie-etiketten die op 1 augustus 2017 toegekend waren in uitvoering van de richtlijn op de energie-etikettering, her in te delen volgens een homogene A-tot-G-schaal. De herindeling moet rond zijn op 2 augustus 2023.
Er wordt overigens prioriteit gegeven aan de energie-etiketten van afwasmachines, huishoudelijke koelapparaten, huishoudelijke wasmachines, huishoudelijke was-droogcombinaties, televisies, en elektrische lampen en verlichtingsarmaturen, waarvoor er momenteel afwijkende indelingen bestaan, met een A++- of A+++-klasse.
De bijgewerkte uitvoeringsverordeningen per productgroep treden binnen de 18 maanden na vaststelling in werking. Dat wil zeggen dat alle energie-etiketten in de winkels en op het internet binnen de 18 maanden moeten vervangen worden.
Bij de prioritaire productgroepen moeten de etiketten zelfs al binnen de 12 maanden gewisseld worden.
Op het ogenblik van de herinschaling mag er geen enkel product in de hoogste energieklasse A voorkomen, zodat er later ruimte is om nieuwe, nóg energieperformantere producten in te schalen. De Commissie moet de schaal zo indelen dat het ‘naar schatting ten minste 10 jaar duurt’ voordat het merendeel van de modellen onder klasse A valt.
In sectoren waar de technologie zich zeer snel ontwikkelt, mag de Commissie zelfs de klassen A én B vrij houden voor toekomstige, nóg energieslimmere producten.
Als sommige modellen volgens de ecodesign-richtlijn niet meer in de klassen E, F of G mogen ingeschaald worden, worden die klassen op de energie-etiketten in het grijs weergegeven. In dat geval moeten de energie-etiketten van de modellen in de winkels niet vervangen worden.
Uitzonderingen
De verordening bevat 2 grote uitzonderingen op de verplichte herinschaling in een A-tot-G-schaal vóór 2 augustus 2023.
De eerste uitzondering heeft te maken met de 7 energieklassen. “Als het om technische redenen onmogelijk is om zeven energieklassen te bepalen die overeenkomen met significante energie- en kostenbesparingen vanuit het oogpunt van de klant”, dan mag de Commissie een schaal met minder klassen invoeren. De kleurenschaal van donkergroen tot dieprood wordt dan verdeeld over minder energieklassen.
De tweede uitzondering heeft te maken met de toestellen voor ruimte- en waterverwarming, waar de producthernieuwing en dus ook de technologische vooruitgang relatief traag verloopt. Hier hoeft de herinschaling op een A-tot-G-schaal maar tegen 2 augustus 2030 plaats te vinden voor:
  • ruimteverwarmingstoestellen, combinatieverwarmingstoestellen, pakketten van ruimteverwarmingstoestellen, temperatuurregelaars en zonne-energie-installaties en pakketten van combinatieverwarmingstoestellen, temperatuurregelaars en zonne-energie-installaties; en
  • verwarmingsketels voor vaste brandstoffen en pakketten bestaande uit een verwarmingsketel voor vaste brandstoffen, aanvullende verwarmingstoestellen, temperatuurregelaars en zonne-energie-installaties.
Verdere schaalaanpassingen
Na de eerste schaalaanpassing die nu al is ingepland, zullen de volgende schaalaanpassingen afhangen van de verkoop van de producten in de hoogste energieklasse(n). De Commissie moet namelijk de schaalindeling bijwerken:
  • zodra 30% van de modellen die verkocht worden onder de hoogste energieklasse A vallen en er een verdere technologische ontwikkeling kan worden verwacht; of
  • zodra 50% van de modellen die verkocht worden onder energieklasse A of B vallen en er een verdere technologische ontwikkeling kan worden verwacht.
Als 8 jaar na de vaststelling van een nieuwe energieschaal blijkt dat de verkoop niet voldoende opschoof naar de hogere energieklassen, moet de Commissie een evaluatie uitvoeren om te bekijken waarom de klant niet koos voor de performantere toestellen.
Werkplan
De Europese Commissie kan ook nog steeds energie-etiketten invoeren voor productgroepen waarvoor er momenteel nog geen energie-etiketten bestaan. Ook die moeten voldoen aan de nieuwe voorschriften: indeling volgens een A-tot-G-schaal, geen producten in de A-klasse bij de afkondiging, geldig voor ten minste 10 jaar…
Om het overzicht te kunnen behouden, moet de Europese Commissie vanaf nu een langetermijnwerkplan opstellen met een lijst van de productgroepen waarvoor ze aan uitvoeringsbepalingen werkt. Dat plan moet publiek gemaakt worden.
Leverancier en productendatabank
De leverancier moet er nog steeds voor zorgen dat elk verkocht exemplaar van een energiegerelateerd product waarvoor er een gedelegeerde verordening bestaat, vergezeld gaat van een accuraat, afgedrukt energie-etiket en een productinformatieblad.
Als de gedelegeerde verordening dat toestaat, kan het productinformatieblad echter vervangen worden door een verwijzing naar de productendatabank van de Europese Commissie (bv. via een QR-code).
De handelaars mogen ook nog altijd een gedrukt exemplaar opvragen bij de leverancier.
De Europese Commissie werkt momenteel aan een productendatabank met een openbaar gedeelte, waar de handelaars en consumenten de productinformatiebladen kunnen inkijken, en met een besloten gedeelte over de productconformiteit, dat alleen toegankelijk is voor de markttoezichthoudende autoriteiten.
De leverancier is verplicht om in die productendatabank de productgegevens in te voeren van alle modellen onder gedelegeerde verordening die hij tussen 1 augustus 2017 en 1 januari 2019 op de markt brengt. Die verplichting moet ten laatste op 30 juni 2019 vervuld zijn.
Voor de nieuwe modellen die hij vanaf 1 januari 2019 op de markt brengt, moet de leverancier de gegevens invoeren vooraleer hij het product op de markt mag brengen.
Hij mag ook de productgegevens invoeren van de oudere modellen invoeren, die hij vóór 1 augustus 2017 op de markt bracht, en nu niet meer, maar is dat niet verplicht.
Producten die gewijzigd worden, worden beschouwd als nieuwe modellen, en moeten (opnieuw) geregistreerd worden als de wijzigingen van betekenis zijn voor het etiket of voor het productinformatieblad.
Normaal gezien worden de registraties in de databank ten minste 15 jaar bewaard.
Leverancier en tussentijdse updates
Klanten krijgen steeds meer software- of firmware-updates doorgestuurd na de aankoop of ingebruikneming van een product. Hoewel die updates in de eerste plaats bedoeld zijn om de prestaties van het product te verbeteren, kunnen ze ook een weerslag hebben op het energieverbruik. Als de update ‘nadelig zou kunnen zijn voor de parameters van het energie-efficiëntie-etiket’, dan moet de leverancier voortaan eerst de klant informeren over het doel van de update en over de impact ervan op de parameters. De klant heeft dan de mogelijkheid om de update te weigeren zonder vermijdbaar verlies van functionaliteit, en dit gedurende een termijn die in verhouding moet staan tot de gemiddelde levensduur van het product.
Leverancier en testsituatie
De sjoemelsoftware uit de automobielsector laat ook hier zijn sporen na. Zo staat in de nieuwe verordening expliciet dat de leverancier geen producten in de handel mag brengen die zodanig ontworpen zijn dat hun prestaties automatisch zouden veranderen in een testomgeving, zodat de parameters gunstiger zouden uitvallen…
Handelaar en etiket
De handelaar is verplicht om het energie-etiket goed zichtbaar aan te brengen – ook bij onlineverkoop op afstand – en om het productinformatieblad in het verkooppunt ter beschikking te stellen van de klant. Dat kán in digitale vorm, maar móet ‘op papier’ als de klant dat vraagt.
Als de handelaar geen energie-etiket of productinformatieblad heeft gekregen, is hij verplicht om een exemplaar op te vragen bij de leverancier. Hij mag het productinformatieblad uiteraard ook zelf downloaden of afdrukken uit de productendatabank.
Bij een schaalaanpassing moet de handelaar de energie-etiketten van de producten die in zijn winkel uitgestald staan, vervangen. De lidstaten moeten er van hun kant voor zorgen dat de invoering van nieuwe energie-etiketten en de schaalaanpassing van de etiketten ondersteund wordt door een voorlichtings- en promotiecampagne.
Marktautoriteiten
Daarnaast zijn de leveranciers en handelaars vanaf nu verplicht om samen te werken met de markttoezichtautoriteiten.
Geen verwarring mogelijk
Tot slot mogen de leveranciers en handelaars geen etiketten op hun producten aanbrengen die tot verwarring zouden kunnen leiden met het energie-etiket.
Van toepassing:
  • Europese Unie.
  • Vanaf 1 augustus 2017. De verplichting in verband met de productendatabank gelden vanaf 1 januari 2019.
Bron:Verordening (EU) 2017/1369 van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli 2017 tot vaststelling van een kader voor energie-etikettering en tot intrekking van Richtlijn 2010/30/EU, Pb.L. 28 juli 2017, afl. 198 (verordening op de energie-etikettering).
  • Richtlijn 2010/30/EU van het Europees Parlement en de Raad van 19 mei 2010 betreffende de vermelding van het energieverbruik en het verbruik van andere hulpbronnen op de etikettering en in de standaardproductinformatie van energiegerelateerde producten, Pb.L. 18 juni 2010, afl. 153 (richtlijn op de energie-etikettering).

Gepubliceerd op 02-08-2017

  138