Te weinig bedrijven hebben duidelijke richtlijnen over afvalsortering

Bedrijven zijn verantwoordelijk voor het overgrote deel van het afval in Nederland. Van al het afval dat op jaarbasis in Nederland wordt geproduceerd is slechts 10 à 15 procent huishoudelijk afval en maar liefst 85 à 90 procent bedrijfsafval. Toch is er nog veel winst te behalen bij het scheiden van bedrijfsafval. Slechts 22 procent van de Nederlandse werknemers geeft aan dat hun werkgever richtlijnen heeft of communiceert over hoe afval gescheiden moet worden. En dat lijkt in Vlaanderen niet anders, zo blijkt uit cijfers van OVAM.

Ruim 4 op de 5 medewerkers zijn van mening dat afval thuis beter gescheiden wordt dan op hun werk. Zo belanden verschillende afvalstromen, zoals plastic verpakkingen, blik en drinkpakken (PBD), koffiebekers, harde kunststoffen en groente-, fruit- en tuinafval (GFT) op het werk meer dan eens in de verkeerde afvalbak. Dit en meer blijkt uit onderzoek onder ruim 1.000 werkende Nederlanders in opdracht van SUEZ, specialist in afval- en grondstoffenmanagement. Uit het onderzoek blijkt dat veel bedrijfsafval niet (goed) gescheiden wordt. Zo gebruikt ruim 60 procent van de bedrijven koffiebekers, maar zamelt minder dan de helft van deze bedrijven hun koffiebekers apart in (42 procent). Verder worden piepschuim (27 procent) en koffiedik (20 procent) het minst vaak gescheiden als deze afvalstroom aanwezig is binnen het bedrijf. Papier en karton belanden wel vaak in een aparte afvalbak. Ruim 8 op de 10 werknemers van bedrijven die met deze afvalstroom te maken hebben, geeft aan dat papier en karton worden gescheiden. Daarna volgen vertrouwelijke documenten (72 procent) en glas (67 procent).

Zowel bedrijven als werknemers lijken duurzaamheid en afvalscheiding wel belangrijk te vinden. Volgens 7 op de 10 werkende Nederlanders is duurzaamheid binnen hun bedrijfscultuur (enigszins) belangrijk. Ruim 8 op de 10 ondervraagden hecht er bovendien waarde aan dat afval op het werk gescheiden wordt. Ook aan motivatie ontbreekt het niet. Ruim 70 procent van de werknemers is gemotiveerd om afval op het werk te scheiden. De intenties zijn dus goed, maar uit het onderzoek blijkt dat kennis over afvalscheiding binnen bedrijven aandacht verdient. Ruim 60 procent van de werknemers weet bijvoorbeeld niet wat er met het gescheiden afval gebeurt nadat het is opgehaald. Ook heeft 4 op de 10 werknemers geen idee wie er binnen het bedrijf verantwoordelijk is voor afvalscheiding. Tot slot is 44 procent zich niet bewust van de impact van hun bedrijfsafval op het milieu.

Het lijkt erop dat werkgevers er in de praktijk niet voldoende in slagen om hun werknemers te informeren en faciliteren bij afvalscheiding op werk. Volgens de ondervraagden communiceert slechts 1 op de 5 bedrijven richtlijnen over afvalscheiding. 20 procent van de werknemers geeft zelfs aan dat hun werkgever helemaal niets doet om afvalscheiding te stimuleren. Dit terwijl er volgens werknemers verschillende effectieve manieren zijn om hen te motiveren én faciliteren om hun afval beter te scheiden. Het plaatsen van afvalscheidingsbakken (80%), het creëren van afvalpantry’s (64%) en leidinggevenden die het goede voorbeeld geven (61%) worden het vaakst genoemd. De helft van de werknemers stelt bovendien dat duidelijke richtlijnen hen zouden helpen om het bedrijfsafval beter te scheiden.

Veel bedrijven willen wel stappen zetten naar zero waste. Het is positief dat werknemers ook intrinsiek gemotiveerd zijn om hun afval op de juiste manier te scheiden, maar om echt effect te hebben moet dit verankerd zijn in de bedrijfscultuur. Het is belangrijk dat werknemers precies weten wat er van hen verwacht wordt en dat zij - bewust of onbewust - worden gemotiveerd om afval ook op werk goed te scheiden.

Wil je concrete stappen zetten op weg naar afvalvermindering en het hergebruik en recyclen van afval? Gebruik dan zeker deze informatie & tips op senTRAL:

Gepubliceerd op 17-02-2020

  43