10 tips voor een efficiënte veiligheidsrondgang

Auteurs: Sophie Van de Vyver & Marc Hoppenbrouwers

Minstens eenmaal per jaar moet de interne preventiedienst een grondig onderzoek verrichten van de arbeidsplaatsen en werkposten (Codex art. II.1–6, 1° c). Een letterlijke lezing van deze wettekst (van, niet op de arbeidsplaatsen en werkposten) laat de interpretatie toe, dat deze niet elk jaar fysiek moet worden bezocht. Toch is het aangewezen om ook daadwerkelijk op geregelde tijdstippen een rondgang op de werkplaats en werkposten te organiseren en niet enkel in het kader van het CPBW. Door fysiek werkplaatsen en werkposten te bezoeken, krijgen we een beter inzicht in de aanwezige gevaren. Vervolgens kunnen we de risico’s vaststellen, nader bepalen en evalueren. Dit gebeurt meestal niet op de werkvloer, maar op kantoor (bureauwerk). Op basis van de risicoanalyse kunnen we dan weer maatregelen formuleren en een actieplan opstellen. 

Gepubliceerd op 19-04-2018

Hoe kan je een rondgang het beste aanpakken? Enkele tips & tricks

rondgang-tekening-1-nl
  1. Bepaal de focus - Bepaal op voorhand de doelstelling en de aandachtspunten van de rondgang: wat wil je te weten komen? De doelstelling kan zijn om het aantal arbeidsongevallen te verminderen. Als uit recente statistieken bijvoorbeeld blijkt dat er veel bijna-ongevallen en incidenten plaatsvonden bij het gebruik van de trap, kunnen trappen het aandachtspunt van de rondgang zijn. Beschikken de trappen over geschikte leuningen? Werd antislip aangebracht? Zijn ze vervaardigd uit geschikt materiaal? Wordt orde en netheid gerespecteerd op en rond de trappen? Zijn de trappen voldoende verlicht? Worden ze conform de instructies gebruikt (bijvoorbeeld niet lopen op de trap, leuning gebruiken…)? Draagt men geschikte schoenen bij het gebruik van de trap? …
  2. Een goede voorbereiding loont - Bereid een rondgang goed voor. Dit schema kan als hulpmiddel worden gebruikt om de rondgang te structuren.
  3. Kies de juiste instrumenten - Bepaal welke instrumenten je zal aanwenden om de doelstelling van de rondgang te bereiken. In eerste instantie is het belangrijk om tijdens de rondgang notities te maken, maar ook foto’s en video’s kunnen handig zijn om later het rapport aan te vullen (gebruik hiervoor bv. RiskReporter). Als je meetapparatuur nodig hebt, moet je deze op voorhand voorzien. Beschik je zelf niet over de vereiste meetapparatuur, dan kan je altijd eens informeren bij de externe dienst. Ook gsm-applicaties voor licht- en geluidsmetingen kunnen een goede indicatie geven. 
  4. Luister naar collega’s en toon interesse - Plan op voorhand wie je graag wil spreken en wat je te weten wil komen. Bereid een vijftal open vragen voor om de nodige kennis te vergaren. 
  5. Betrek alle stakeholders - Het comité, maar ook de leidinggevenden en directie nemen best deel aan de rondgang. De preventieadviseur fungeert dan als facilitator van de rondgang. Zo toon je heel visueel dat directie ook met veiligheid begaan is en dat heeft weer een positief effect op de veiligheidscultuur. Spoor deelnemers aan actief deel te nemen. Passieve deelnemers verstoren de harmonie en geven omstaanders een verkeerd beeld. Het komt nonchalant over terwijl we juist een actieve deelname van de hiërarchische lijn willen realiseren.
  6. Zorg voor de nodige variatie - Plan de rondgangen op verschillende momenten en breng variatie aan. Op die manier zal je een representatiever beeld verkrijgen van de situatie. Als je de rondgang steeds op hetzelfde uur uitvoert, weten de werknemers wanneer je zal langskomen en kunnen ze zich hieraan aanpassen. Plan de rondgang ook eens in slechte weersomstandigheden of wanneer het al donker wordt, op die manier krijg je een vollediger beeld. 
  7. Vraag input - Geef andere deelnemers de mogelijkheid om notities te maken en checklists in te vullen en stel op basis daarvan het rapport op. Zo creëer je de mogelijkheid om vanuit verschillende perspectieven de werkplaats en werkposten te bekijken. Het ownership van de rondgang leg je op die manier bij de comitéleden en/of hiërarchische lijn. 
  8. Geef zelf het goede voorbeeld en spreek anderen aan - Geef het goede voorbeeld en draag altijd zelf de vereiste PBM’s. Zie je iemand die onveilig handelt of niet de verplichte PBM’s draagt? Spreek deze werknemer dan onmiddellijk en persoonlijk aan. Laat de werknemer zelf aan het woord: het is veel moeilijker een uitleg te moeten formuleren waarom je de PBM’s niet draagt dan enkel een ‘preek’ te ondergaan. Spreek ook leidinggevenden en collega’s aan: waarom grepen ze niet in? Leg uit waarom je verwacht dat iedereen zorg draagt voor zichzelf en voor elkaar. 
  9. Stel vast wat goed is - Zeg het ook als het goed is en houdt eens een positieve rondgang. Ga niet op zoek naar probleempunten maar benadruk eveneens zaken die al goed verlopen en communiceer hierover. Je kan een rondganggebruiken om collega’s te laten gewaarworden hoe andere afdelingen een probleem opgelost hebben.
  10. Voorzie een goede debriefing - Overleg na afloop met iedereen die betrokken was met de rondleiding. Maak optimaal gebruik van de kennis en competenties van alle deelnemers. Belangrijk voor het overleg is onderling vertrouwen, een eenduidige taal en de juiste attitude. Emoties moeten hierin bespreekbaar zijn.
flow-rondgang
  401