Covid-19: Ook recht op ‘corona-PBM’s’ in voedingssector

Federaal minister van Economie Nathalie Muylle heft de handelsbeperkingen op de handgels op, en zorgt ervoor dat fabrikanten en groothandelaars ‘corona-PBM’s’ mogen verkopen aan ondernemingen die deze PBM’s wettelijk gezien nodig hebben bij het uitoefenen van hun activiteiten. Ook als dat gebeurt op grond van een bepaling die niet in de Welzijnscodex staat.
Op 23 maart besliste de federale regering om de verkoop te beperken van 8 types van persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM) en biociden die gebruikt kunnen worden in de strijd tegen het coronavirus. Het gaat om:
  • FFP2-maskers
  • FFP3-maskers
  • hydroalcoholische gels
  • beschermschorten (al dan niet doorlaatbaar)
  • beschermbrillen en -maskers
  • handschoenen (nitril) met een lange mouw van minstens 300mm
  • handalcohol, en
  • waterstofperioxide 12 % en verneveltoestellen (nocospray).
Op kleinhandelsniveau mogen deze PBM’s en biociden alleen nog verkocht worden in vergunde apotheken, aan personen die beroepsactief waren in de gezondheidszorg.
Groothandelaars mogen ze alleen aanbieden aan 5 categorieën van afnemers:
  • aan andere groothandelaars uit de sector, vergunde apotheken, ziekenhuizen, en erkende gezondheidsbeoefenaars, én
  • aan ondernemingen – zelfstandigen, rechtspersonen en organisaties zonder rechtspersoonlijkheid – die producten zoals alcoholgels, handschoenen of maskers moeten aanbieden in uitvoering van de Welzijnscodex. Dat laatste kan alleen in beperkte hoeveelheden. Namelijk: in de hoeveelheid die redelijkerwijs nodig is om de behoeften van één maand te dekken.
In haar ministerieel besluit van 7 april 2020 verruimt de minister dat regime.
Vanaf nu gelden de handelsbeperkingen alleen nog voor 6 van de 8 producten. De hydroalcoholische gels en de handalcohol werden geschrapt, omdat er geen nijpend tekort meer is aan die biociden.
Bovendien mogen de fabrikanten en groothandelaars de 6 overblijvende producten ook verkopen aan ondernemingen die deze PBM’s, door, of krachtens wettelijke of reglementaire bepalingen (andere dan die m.b.t. de bescherming van de werknemers) nodig hebben bij de fabricage, verwerking, bewaring of opslag van hun goederen, of bij het uitoefenen van hun activiteiten. En de minister denkt dan vooral aan de voedingsnijverheid.
Deze versoepeling gaat in op 9 april 2020.

Auteur: Carine Govaert

Gepubliceerd op 10-04-2020

  97