De welzijnsfactor van gelegenheidswerk

Een rapport van de Europese Stichting tot verbetering van de levens- en arbeidsomstandigheden (Eurofound) kijkt kritisch naar het toenemende gelegenheidswerk in Europese bedrijven. Verhoogt dat het risico op minder welzijn en ondermaatse sociale bescherming van werknemers?
 
 

Ondanks de voordelen van dit fenomeen, vooral een grotere flexibiliteit van de arbeidsmarkt, is er heel wat ongerustheid over de mogelijke negatieve impact van gelegenheidswerk op het welzijn en de sociale bescherming van werknemers. Economische onzekerheid en de onvoorspelbaarheid van de arbeidstijd zijn hierbij bepalende factoren. Ook de zorg om sociale integratie van kwetsbare groepen en de versnippering van arbeid komen hierbij in beeld.

 
Definitie
 

Het Europese Parlement definieert gelegenheidswerk als ‘onregelmatige of incidentele arbeid, zonder uitzicht op een vaste baan’. Het ontbreken van een stabiel en ononderbroken dienstverband wordt nog versterkt door onregelmatige en/of onvoorspelbare werktijden en -roosters. In 2015 stelde Eurofound een definitie van gelegenheidswerk voor, met een onderscheid tussen twee vormen: ‘incidenteel werk’ en ‘oproepwerk’. Incidenteel werk komt vaker voor in Tsjechië, Frankrijk en Roemenië, terwijl oproepwerk gebruikelijker is in Nederland en het VK. Beide vormen bestaan in Duitsland en Italië. In een aantal landen (Italië, Nederland en Polen) omvat gelegenheidswerk andere soorten arbeidscontracten en vormen van zelfstandige arbeid.

Beleidscontext

Sinds de jaren 1980 streven de EU-lidstaten naar flexibele arbeidsmarkten om de economische groei te ondersteunen, gelijke tred te houden met de mondialisering, en de werkloosheid te bestrijden.

Als tegenwicht voor deze aanpak ontwikkelde de EU specifieke ‘flexizekerheidsbeginselen’ als geïntegreerde beleidsaanpak, om op die manier werknemers meer arbeidszekerheid te bieden. Hoewel een standaarddienstverband in de meeste OESO-landen nog steeds de norm is, neemt het aantal atypische arbeidsvormen toe. In verschillende lidstaten werden regelingen voor gelegenheidswerk ontwikkeld als reactie op de vraag naar flexibelere arbeidsvormen.

Belangrijkste resultaten uit het Eurofound-rapport

Vormen van gelegenheidswerk verschillen van land tot land, waarbij gebruikgemaakt wordt van verschillende soorten dienstverbanden. Hierdoor is het niet altijd even eenvoudig om regelingen voor gelegenheidswerk in kaart te brengen en te monitoren.

De voorbije jaren kozen vele landen voor een verschillende benadering van de regelgeving ter zake. Dit zorgde voor extra flexibiliteit in standaardarbeidsovereenkomsten, een verdere vereenvoudiging van de erkenning van atypische arbeidsregelingen, en een verdere terugdringing van werkloosheidscijfers.

In de meeste landen wordt gelegenheidswerk beschouwd als een uitzondering op ‘normaal’ werk, wat gewoonlijk een contract voor onbepaalde duur inhoudt. In sommige landen bestaan specifieke vormen van gelegenheidswerk, zoals ‘occasionele activiteiten’ in Roemenië, ‘flexibele contracten’ in Nederland en ‘incidenteel werk/oproepwerk’ in Italië. Andere landen definiëren gelegenheidswerk als arbeidsregelingen ‘buiten het dienstverband’ (in Italië, Nederland en Polen).

Werknemers die gelegenheidswerk uitvoeren zijn voornamelijk afkomstig uit groepen die vaker betrokken zijn bij atypische arbeidsvormen: jongeren, oudere werknemers, vrouwen, laaggekwalificeerde werknemers en migranten.

De individuele keuze voor gelegenheidswerk is sterk gepolariseerd: sommige mensen kiezen er bewust voor, omdat het aansluit bij hun persoonlijke omstandigheden (een evenwicht tussen werk en privé, of een aanvulling op een pensioen bijvoorbeeld), terwijl het voor andere mensen de enige mogelijkheid is (of lijkt) om te kunnen werken.

Ook op het vlak van het bedrijfsprofiel zijn er nationaal grote verschillen. In Frankrijk en Duitsland komt gelegenheidswerk meer voor bij kmo’s, terwijl in Nederland en het VK eerder grote bedrijven gelegenheidswerkers inhuren.

De redenen om gelegenheidswerkers in te schakelen zijn – naast seizoensgebonden schommelingen in de productie – kostenvoordelen, flexibiliteit en technologische veranderingen.

Gelegenheidswerkers worden vaker geconfronteerd met minder goede arbeidsvoorwaarden dan werknemers met een standaardcontract.

Bij gelegenheidswerk bestaat een groot risico op een laag inkomen gecombineerd met verkorte werkweken en onvoorspelbaar werk. Bovendien scoort deze vorm van werk vaak ook ondermaats op het vlak van arbeidsrechten en sociale bescherming - ook omdat vakbonden niet altijd in staat zijn om precaire kwesties aan te pakken.

Beleidsadviezen

Zowel op Europees als nationaal vlak is er nood aan:

  • een duidelijk conceptueel en juridisch kader over gelegenheidswerk, zodat men een beter inzicht krijgt in dit fenomeen, gerichter kan controleren en eventueel misbruik kan voorkomen
  • een adequate regelgeving (met een goed evenwicht tussen de bescherming van werknemers en de behoefte aan flexibiliteit bij werkgevers), waarvan de naleving kordaat afgedwongen wordt
  • duidelijk advies voor kmo’s die gemotiveerd zijn om dit regelgevend kader na te leven
  • praktische informatie (in mensentaal) voor werknemers die willen onderhandelen over hun arbeidsrechten
  • ondersteuning voor werknemersvertegenwoordigers die (kwetsbare) gelegenheidswerkers willen beschermen en ondersteunen in onderhandelingen over arbeidsrechten

Auteur: Geert Van Cauwenberge

Gepubliceerd op 25-11-2020

  20