Veiligheid

Is het verplicht om de kinriem van een veiligheidshelm vast te maken?

Er bestaat geen wetgeving die zo gedetailleerd is dat het vastmaken van het kinriempje van een veiligheidshelm erin verplicht gesteld wordt. Wij kunnen daarvoor enkel terugvallen op meer algemene bepalingen van het KB van 13 juni 2005. Art. 23 van dit KB verplicht de werknemers gebruik te maken van de PBM die hen ter beschikking worden gesteld en dat te doen in overeenstemming met de instructies die gegeven werden. Art. 24 §2 van hetzelfde KB vereist dat voor elk PBM dat in de onderneming gebruikt wordt een instructienota wordt opgesteld, die o.a. gebruiksvoorschriften bevat. 

Hierin zou dan kunnen opgenomen worden wanneer het kinriempje moet worden vastgemaakt. Fred Foubert: “Ik zou deze verplichting niet veralgemenen, omdat een kinriempje niet in elke situatie nuttig is. Wel lijkt het mij aangewezen het riempje vast te maken als het erg waait of als er houdingen moeten aangenomen worden, waarbij de helm kan afvallen.”
 
De meest frequent gebruikte norm voor veiligheidshelmen is NBN EN 397 over industriële helmen. Die bepaalt dat een helm moet voorzien zijn van een kinriem van ten minste 10 mm breed (of de nodige voorzieningen bevatten, die toelaten er een dergelijke riem aan vast te maken). De riem moet stevig genoeg aan de helm vastzitten (niet loskomen onder een kracht van 150 N), maar ook niet te stevig om kwetsuren bij vasthaken te voorkomen (loskomen onder een kracht van 250 N). 
Let wel: NBN EN 397 is een norm, die beschrijft hoe het PBM moet ontworpen zijn, niet hoe het moet gebruikt worden. 

Meer info op senTRAL:Bescherming van het hoofd (In de praktijk)
 
 

Gepubliceerd op 06-06-2016

  135