Klantenvraag: moet ik als opdrachtgever dragen van mondmaskers verplichten bij werken met derden?




Een opdrachtgever wil bepaalde installatie- of productiedelen opnieuw in gebruik nemen en denkt eraan derden in te zetten voor voorafgaand nazicht en onderhoud. Vraag die de opdrachtgever zich stelt is of hij tijdens de coronacrisis de ingezette contractoren van mondmaskers moet voorzien en/of deze verplicht moet laten dragen tijdens de uitvoering van de werken.

Risicoanalyse social distancing volgens preventiehiërarchie: door opdrachtgever én contractorfirma

Indien de inzet van derden essentieel is in het kader van de continuïteit van het bedrijf en toegelaten is overeenkomstig de richtlijnen van de overheid inzake het leveren van prestaties in cruciale sectoren, moeten altijd bijkomende beschermingsmaatregelen worden genomen ter voorkoming van verdere verspreiding van het coronavirus. Deze risico’s en maatregelen worden opgelijst in een (aanvullende) risicoanalyse, op te maken door zowel opdrachtgever als contractorfirma.

Deze risicoanalyses moeten worden opgesteld overeenkomstig de preventiehiërarchie: 

  • eliminatie van gevaar: is inzet van contractoren effectief nodig, kunnen aanwezigheden van derden worden verminderd of worden opgesplitst in tijd en ruimte?;
  • substitutie van het gevaar: verbod op inzet van medewerkers met een verhoogde lichaamstemperatuur of symptomen van ziekte/verkoudheden;
  • collectieve beschermingsmaatregelen: voorzien van afspanningen, markeringen, afgebakende werkgebieden, spatschermen;
  • persoonlijke beschermingsmaatregelen: voorzien van gelaat-, mondmaskers en handschoenen.
Inzake het toepassen van social distancing wordt in een eerste reflex vaak gedacht aan persoonlijke beschermingsmaatregelen. Maar maatregelen die hoger in de preventiehiërarchie staan, moeten bij voorrang eerst worden toegepast tegenover de maatregelen die daaronder staan, aangevuld met organisatorische maatregelen en signalisatie.

Het kan dus niet de bedoeling zijn om het gebruik van mondmaskers als “algemene maatregel” toe te passen binnen een fabrieksterrein. Het gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen voor activiteiten die strikt genomen die bescherming niet hoeven, louter om de continuïteit van de activiteiten in niet-essentiële diensten of sectoren te kunnen verzekeren, druist in tegen de geest van de genomen coronamaatregelen. Op die manier komt mogelijk de beschikbaarheid van dit PBM in het gedrang welke effectief noodzakelijk is voor zorgverleners, interventieploegen of andere werknemers die omgaan met een gevaarlijke stof en biologische en chemische agentia.

Verplichting tot algemeen dragen van mondmaskers?

Indien door de uit te voeren activiteit het niet altijd mogelijk is om 1,5 meter afstand van elkaar te houden (denk aan bijvoorbeeld het aanslaan en begeleiden van complexe lasten, het plaatsen en aansluiten van elektrische bekabeling in een nauwe ruimte, het aanbrengen van complexe isolatietoepassingen), dienen bijkomende beschermingsmaatregelen te worden ingezet zodat druppels en/of spatten niet kunnen worden overgedragen met volgende voorwaarden:

  • mondmaskers moeten correct en consistent worden gedragen gedurende de tijd dat ze worden gebruikt. Enkel bij een correct aanbrengen, draagplicht en deze correct wegnemen bieden ze bescherming in het voorkomen van blootstellingen. Een juiste training, instructie en toezicht hierop is essentieel;
  • gewone mondmaskers vormen enerzijds een fysieke barrière en bescherming tegen spatten of druppels van anderen, anderzijds capteren ze ook eigen partikels en vloeistoffen van de drager tegen derden.

De verplichting voor het dragen van mondmaskers in gevallen wanneer de social distancing niet kan worden toegepast, zal eerder komen uit de eerder vermelde risicoanalyses en zal dus enkel voor specifieke activiteiten van toepassing zijn.

Mondmaskers zijn geen PBM’s
De mondmaskers zijn geen PBM’s en vormen geen bescherming tegen gevaren, voortkomend uit een meer risicovolle activiteit zoals het demonteren van vervuilde isolatiewol of gebruik van een gevaarlijk product. Tijdens de uitvoering van deze werken moeten de voorgeschreven PBM’s, voortkomend uit de eerder opgemaakte risicoanalyse in functie van uitvoering van deze taak, worden ingezet gezien hun hogere graad van bescherming en specifieke normvereisten. Reguliere mondmaskers bieden deze bescherming niet, het is dus zaak om steeds te kijken wat het hoogste risico vormt en daar de PBM’s op af te stemmen.

Voorzien in mondmaskers: opdrachtgever én contractorfirma

Elke partij (opdrachtgever, aannemer of onderaannemer) zorgt principieel voor een eigen risicoanalyse. Na afstemming hierover met elkaar kunnen verdere afspraken worden gemaakt wie wat voorziet. 

  • Indien bepaalde PBM’s in functie van werkzaamheden van de contractor worden gedragen, dan moet de contractor dit voor zijn eigen medewerkers (en onderaannemers) voorzien.
  • Indien het gevaar vanuit de opdrachtgever komt (bijvoorbeeld in functie van mogelijke blootstelling aan gassen, dampen of vloeistoffen), dan moet de opdrachtgever de noodzakelijke adembescherming voorschrijven en voorzien.
  • Indien mondmaskers enkel en alleen in functie van social distancing worden ingezet, dan zorgt hier ook in principe overeenkomstig het voorkomingsbeleid elke betrokken partij voor de eigen toegewezen medewerkers. Bij een eventueel tekort bij de contractorfirma van mondmaskers voor het uitvoeren van taken waarbij de social distance niet (altijd) kan worden gegarandeerd, kan de opdrachtgever deze weliswaar tussentijds aanleveren en verrekenen.

Deze tekst is geschreven op de stand van zaken op  22 april 2020 en zal steeds zo snel als mogelijk worden gewijzigd wanneer de situatie wijzigt of nieuwe maatregelen van kracht worden. 

BeSWIC

Link naar alle teksten over werken met derden op senTRAL.


Auteur: Marc De Locht

Gepubliceerd op 27-04-2020

Marc De Locht
Auteur verbonden aan de VCA-beheersinstantie België voor contractor safety mgt
  115