Veiligheid

NAR zet in op pilootprojecten voor primaire preventie van burn-out

Burn-out is een van de maatschappelijke uitdagingen die de sociale partners aangestipt hebben in het interprofessioneel akkoord voor de periode 2017-2018. Daartoe werd een werkgroep opgericht binnen de Nationale Arbeidsraad (NAR). Die heeft een globale aanpak uitgewerkt voor het opzetten van pilootprojecten voor primaire preventie van burn-out.

De sociale partners willen die aanpak in een aantal ondernemingen uittesten en verder op punt te stellen in functie van het verloop van de projecten en de evaluatie ervan. Op die manier wil men voorkomen dat werknemers uitvallen met psychosociale klachten in het algemeen en burn-out in het bijzonder.

In een advies geeft de NAR aan wie een aanvraag voor een pilootproject kan doen, welke ondersteuning er zal gegeven worden en wie kan optreden als projectbegeleider. Een commissie binnen de NAR zal samen met experten instaan voor de selectie, de opvolging en de evaluatie.

Om en ander mogelijk te maken, vragen de sociale partners een passend wettelijk kader. Eens er een reglementair kader is, zal alle informatie over de projectoproep beschikbaar zijn op de websites van de NAR en de FOD Werkgelegenheid.

De aanpak van pilootprojecten (‘opteam’) wordt samengevat in een schema bij het advies (‘mogelijke aanpak’). Het bevat: 
  • de verschillende fasen waarop men de projecten kan baseren: ontdekking, draagwijdte, voorbereiding, ontwikkeling, overgang en evaluatie; 
  • de verschillende aspecten van die uitvoeringsfasen: bewustmaking, opleiding, intentieverklaring, cultuur van vertrouwen, expertise, groepsproject, ontwikkeling van een bepaalde aanpak, evaluatie van de doelstellingen, ervaringen, resultaten en methodes; 
  • de mogelijke acties en de gewenste resultaten die men koppelt aan die aspecten.
Bijvoorbeeld. In de fase van de toepassing van de in ontwikkeling gedefinieerde aanpak verwijst men bij de mogelijke acties onder andere naar een opvolging ‘kort op de bal’ door een taskforce, sleutelfiguren en leidinggevenden. Het gewenste resultaat van die aanpak is onder andere een positieve impact op het werkklimaat.

En verder lijst het schema de individuele kenmerken (aspecten), de arbeidssituatie en de hefbomen op.

Bij goedkeuring van de aanvraag, wordt een forfaitaire vergoeding per dag expertise (bijvoorbeeld 800 euro) of equivalente prestaties toegekend. Deze tussenkomst houdt in dat 8000 euro (exclusief BTW) per pilootproject kan worden toegekend. Dit vertegenwoordigt een equivalent van 10 dagen projectbegeleiding.

Belangrijk. De sociale partners vragen dat het wettelijk kader voor de pilootprojecten spoedig wordt uitgewerkt en de financiële middelen voor de projecten worden vrijgemaakt zodat de aanvragen kunnen worden ingediend vanaf 1 juni 2018 tot en met 31 juli 2018.

Van hun kant nemen de sociale partners het engagement op zich om over een aanvraag te beslissen binnen een redelijke termijn. Streefdoel: twee maanden na de deadline voor het indienen van de aanvragen.

Gepubliceerd op 06-03-2018

  99