Securex-onderzoek bevestigt: 63% van de Belgische werknemers zegt niet te kunnen werken tot wettelijke pensioenleeftijd

Vorige week meldden we hier de eerste resultaten van de Vlaamse werkbaarheidsmonitor 2019, waaruit blijkt dat werkbaar werk in Vlaamse bedrijven en organisaties zwaar onder druk staat. Met name oudere werknemers zijn bijzonder gevoelig voor bepaalde stressfactoren die bepalen of ze langer aan de slag willen en/of kunnen blijven.
 

Dat sluit aan bij  dit onderzoek (uitgevoerd door Securex) over absenteïsme in Belgische bedrijven, en de bijhorende vaststelling dat de langdurige absenteïsmecijfers na tien jaar lijken te stagneren mogelijk als gevolg van de invoering van de re-integratiewet. Een dubbele boodschap dus, met een pessimistische ondertoon. Dit wordt bevestigd door de tweejaarlijkse inzetbaarheidsbarometer van Securex, waarbij 63% van de werknemers in België zegt niet te kunnen werken tot aan de wettelijke pensioenleeftijd.
Of nog:
  • 7 op 10 werknemers (72%) denken te moeten werken tot 65 jaar of langer
  • bijna 3 op 4 werknemers (74%) willen vóór de leeftijd van 65 jaar stoppen met werken
  • het aantal jongeren die willen werken tot hun 65 jaar, neemt daarentegen wel sterk toe

Ondanks de vele inspanningen vanwege overheid en werkgevers om oudere werknemers langer aan boord te houden, blijkt uit de onderzoekscijfers geen trendbreuk bij de vraag tot welke leeftijd men kan, wil en moet werken. Sinds de eerste meting in 2013 blijven de resultaten onveranderd. De grootste obstakels om te werken tot 65 jaar zijn eerder van psychologische dan fysieke aard. Het is geen goed idee om mensen te verplichten langer te werken. Men moet de aard en de inhoud van de jobs zelf aanpakken, zodat mensen effectief langer aan de slag willen blijven.

Inzetbaarheidsbarometer

Al voor de vierde keer sinds 2013 meet Securex via zijn inzetbaarheidsbarometer tot welke leeftijd de Belgische werknemer denkt te ‘moeten’, ‘kunnen’, ‘willen’ en ‘mogen’ werken. Wat zijn de opvallendste resultaten?

- ‘Moeten’ werken: 7 op 10 werknemers denken te moeten werken tot 65 jaar of langer

72% van de ondervraagde werknemers denkt te moeten werken tot minstens 65 jaar, de huidige wettelijke pensioenleeftijd (die vanaf 2025 verhoogd wordt naar 66 jaar en vanaf 2030 naar 67 jaar). 27% denkt te moeten werken tot 65 jaar, en 31% verwijst naar 67 jaar. 6% denkt zelfs tot zijn 70ste te moeten werken.

Bij 55-plussers is er een significante stijging van de leeftijd tot dewelke ze denken te moeten werken. In 2017 bedroeg deze leeftijd nog 63 jaar, in 2019 klokt ze af op 64 jaar. Misschien is dit te verklaren door een groeiende bewustwording bij werknemers, onder meer via de website mypension.be die de Belgische overheid in 2015 lanceerde.

- ‘Kunnen’ werken: 63% van Belgische werknemers denkt niet te kunnen werken tot hun 65 jaar

De meerderheid (63%) van de Belgische werknemers denkt niet te ‘kunnen’ werken tot 65 jaar. Bijna 1 op 3 (31%) geeft aan slechts tot zijn 60ste te kunnen werken. Slechts 1 op 5 (20%) van de Belgische werknemers denkt te kunnen werken tot aan de wettelijke pensioenleeftijd (65 jaar), en amper 17% denkt nog te kunnen werken na zijn 65ste. 

- ‘Willen’ werken: bijna 3 op 4 werknemers willen niet werken tot 65 jaar

Nog opvallender is dat de Belgische werknemer helemaal niet ‘wil’ werken tot zijn 65ste, laat staan langer. Wanneer gevraagd tot welke leeftijd ze willen werken, geven bijna 3 op 4 (74%) een antwoord dat onder de wettelijke pensioenleeftijd ligt. 16% wil werken tot 65 en slechts 1 op 10 is bereid om nog na zijn 65 jaar te werken.

Ook frappant is de stijging tussen 2017 en 2019 bij de respondenten jonger dan 25 jaar. Waar men in 2017 nog aangaf slechts tot 54 jaar te willen werken, bedraagt dit in 2019 al 58 jaar. Ook bij respondenten tussen 30 en 34 jaar is een significante stijging merkbaar tussen 2017 (56 jaar) en 2019 (59 jaar).

Uit eerder onderzoek van Securex (in 2017) blijkt dat mensen die hun job leuk, interessant, waardevol of zinvol vinden, vier jaar langer willen werken. Overheden en bedrijven moeten dus meer dan ooit inzetten op het verhogen van de ‘ik wil werken’-motivatie, de zogenaamde autonome motivatie. Deze factor spoort werknemers immers aan om langer aan de slag te blijven. Het verhogen van de ‘ik moet werken’-motivatie heeft geen, of zelfs een negatief effect.

De overheid zet momenteel vooral in op het ‘moet-verhaal’, terwijl hr-specialisten zien dat dit geen toegevoegde waarde heeft voor de gewenste pensioenleeftijd. De evolutie - sinds een aantal jaren -  van autonome naar meer gecontroleerde motivatie verklaart waarom langer werken nog steeds weerstand oproept bij werknemers. De kunst bestaat erin om net die randvoorwaarden te creëren waarin langer werken voor elke werknemer leuk en zinvol lijkt. Dit kan bijvoorbeeld door de ontwikkeling van een juridisch kader dat maatwerk, job crafting en tijds- en plaatsonafhankelijk werken gemakkelijker maakt en ondersteunt.

- ‘Mogen’ werken: is de ‘oudere’ werknemer nog welkom in organisaties?

Tot welke leeftijd denken Belgische werknemers te mogen werken? Of anders gezegd: in welke mate staat de werkgever volgens de werknemers open om hen tot aan hun pensioenleeftijd in dienst te houden? Uit de resultaten van de werkbaarheidsmonitor van Securex blijkt dat meer dan 4 op 10 (43%) werknemers denken niet te mogen werken tot hun 65 jaar. Slechts een kwart van de respondenten denkt toch welkom te zijn tot hun 65ste. Ongeveer 1 op 3 (32%) denkt te mogen werken tot na 65 jaar.

Volgens Securex geven werkgevers vaak het signaal dat oudere werknemers niet meer welkom zijn, omdat bij collectieve ontslagen vaak personeelsleden met een hoge anciënniteit moeten afvloeien. Dit leidt tot verminderde motivatie, wat er dan weer voor zorgt dat mensen niet langer willen werken. Niemand werkt graag op een werkplek waar hij zich niet thuis en welkom voelt.

50-plussers willen langer werken dan jongere werknemers

Securex stelt opvallende verschillen vast tussen werknemers jonger dan 50 jaar en werknemers ouder dan 50 jaar. Respondenten jonger dan 50 jaar geven aan dat ze een jaar minder lang kunnen werken (tot 62 versus tot 63 jaar) en zelfs drie jaar minder lang willen werken (tot 59 versus tot 62 jaar) dan respondenten ouder dan 50 jaar. Werknemers jonger dan 50 zijn er zich wel van bewust dat ze langer zullen moeten werken (tot 65 versus tot 64 jaar).

Vanaf 1 januari 2025 wordt de wettelijke pensioenleeftijd verhoogd naar 66 jaar, en in 2030 naar 67 jaar. Bovendien zijn er vandaag nog verschillende overgangsmaatregelen in werking voor 50-plussers, waardoor deze op vervroegd pensioen kunnen gaan. Wie jonger is dan 50 jaar zal dus langer aan de slag moeten blijven.  

Stress is grootste obstakel om langer te werken

Volgens de ondervraagde werknemers zijn psychologische factoren, en in mindere mate fysieke werkomstandigheden, de grootste obstakels om te kunnen werken tot de wettelijke pensioenleeftijd. 44% van de werknemers zegt dat de mentale werkbelasting (stress, werktempo, werkintensiteit) het hen niet toelaat om te werken tot de wettelijke pensioenleeftijd. 40% meent dat het de emotionele werkomstandigheden (werksfeer, collega's, klanten, aangrijpende situaties en agressie) zijn die dat niet toelaten.

Fysieke werkomstandigheden (zoals lawaai, licht en temperatuur) en fysieke werkbelasting komen pas op de derde en vierde plaats, met respectievelijk 39% en 37%. Eén op drie (34%) werknemers verwijst naar eigen leefgewoonten (zoals eten, slapen en beweging) en nog eens één op drie (34%) zegt dat het ligt aan zijn persoonlijke ingesteldheid (bijvoorbeeld positief en oplossingsgericht denken, doorzettingsvermogen en relativeren). De werk/privé-balans blijkt nog het minst een obstakel te zijn: 31% van de werknemers zegt dat dit de reden is waarom hij denkt niet te kunnen werken tot aan de wettelijke pensioenleeftijd.

Gepubliceerd op 16-12-2019

  71