Telewerk: hoe omgaan met de psychologische effecten?

We werken meer van thuis uit dan ooit tevoren. Maar wat zijn de psychologische gevolgen, en hoe kunnen we deze zoveel mogelijk beperken? Het Canadese preventieagentschap CNESST vroeg het aan twee psychologen.


Sophie Meunier is psychologe en hoogleraar Psychologie aan de Universiteit van Quebec in Montreal (UQAM). Doctoraatsstudente Laurence Bouchard voert onder haar leiding een gericht onderzoek naar de impact van telewerk op de geestelijke gezondheid.

Wat kan een leidinggevende concreet doen om de werksituatie van telewerkers te verbeteren? Volgens Laurence Bouchard is het vooral een kwestie van structuur aanbrengen: “Werknemers en werkgever moeten duidelijk omschrijven wat hun individuele rollen, taken en verwachtingen zijn.” Bijna even belangrijk is het aspect “belangstelling tonen”. Met andere woorden: “De tijd nemen om te informeren naar het comfort- en welzijnsniveau van werknemers en hun mogelijke bezorgdheden of vragen.” Hoewel er nog weinig onderzoeksresultaten beschikbaar zijn over de huidige COVID-context, is Sophie Meunier van mening dat “…we op basis van eerdere studies in andere contexten kunnen concluderen dat het tonen van belangstelling, en zeker het aanbrengen van structuur, belangrijke manieren zijn om leidinggevenden en werknemers te ondersteunen.”

Wat kan je zelf doen?

En wat kunnen telewerkers zelf doen om efficiënt te werken? Meunier wijst erop dat we nu niet met een normale thuiswerksituatie te maken hebben. “Heel wat telewerkers hebben kinderen of een partner in huis. Bovendien beschikken ze niet altijd over een ergonomisch ingerichte ruimte om van thuis uit te werken.”

De eerste stap is dan ook het creëren van een geschikte werkplek, bijvoorbeeld een afgesloten, goed ingerichte ruimte waar de thuiswerker zoveel mogelijk ongestoord kan werken. Daarnaast is het belangrijk om een specifieke werkplek in te richten waar de werknemer op een ergonomisch verantwoorde manier kan werken, in plaats van geïmproviseerd aan het uiteinde van de eettafel te gaan zitten.

Daarbij komt ook nog een zekere werkroutine. De telewerker moet nagaan op welke momenten van de dag hij het meest productief is. Als hij flexibele werktijden heeft, kan hij die tijdstippen zelf kiezen. Zo kunnen telewerkers met kleine kinderen bijvoorbeeld vergaderingen inplannen tijdens het middagdutje.

Als telewerker moet je ook je grenzen kennen. Thuiswerkers moeten realistische en haalbare doelen stellen, en hun verwachtingen aanpassen aan de nieuwe werksituatie. “Dat is heel belangrijk in de huidige context,” benadrukt Sophie Meunier.

Psychologische problemen

Uiteraard kunnen er ook psychologische problemen ontstaan bij het werken op kantoor. ‘Maar bij telewerken hebben werknemers vaak minder toegang tot de middelen van hun organisatie. Bovendien krijgen thuiswerkers minder sociale steun, terwijl uit alle studies blijkt dat dit een bepalende factor is voor het welzijn van werknemers. In de huidige context worden deze problemen nog aangescherpt door de stress en onzekerheid rond het coronavirus.”

Praten over psychologische problemen bij telewerk vergt een gezamenlijke inspanning, voegt Laurence Bouchard eraan toe. “De werknemer moet bij zichzelf nagaan wat zijn behoeften, zorgen en vragen zijn en deze kenbaar maken. Leidinggevenden moeten zeker in deze tijden alert blijven en hun oor te luisteren leggen bij de werknemers. De gestelde verwachtingen moeten realistisch zijn, en het werk moet worden aangepast om werknemers niet te overbelasten.” Sophie Meunier is van mening dat werknemers oog moeten hebben voor zichzelf. “Ze moeten realistische doelen stellen en een duidelijk onderscheid maken tussen werk en privé, nu het fysieke verschil tussen thuis en kantoor wegvalt.”

En om productief te blijven moeten telewerkers ook voldoende pauzes inlassen. “Uit een nieuwe studie, uitgevoerd binnen het kader van de pandemie, blijkt dat activiteiten die werknemers toelaten om even te ontkoppelen, afstand te nemen en zich op een aangename manier te ontspannen, de beste garantie bieden om productief te blijven. Zo kunnen ze hun batterijen opladen en de volgende ochtend weer vol energie aan de slag.”


Auteur: Ian Graham

Gepubliceerd op 01-09-2020

  48