Tool helpt (huis)artsen om burn-out vroegtijdig op te sporen

 De FOD Werkgelegenheid heeft, in samenwerking met de universiteiten van Gent en Luik, een tool geactualiseerd waarmee arbeidsartsen en huisartsen een burn-out bij werknemers sneller kunnen opsporen en ook de ernst van de aandoening kunnen inschatten. De FOD raadt aan om ook de preventieadviseur bij deze tool te betrekken: de preventieadviseur is immers bevoegd voor de pyscho-sociale risico’s en de collectieve preventie in de onderneming, en kan wijzigingen in de arbeidsomstandigheden voorstellen om een herhaling van de feiten te voorkomen.
 

Tijdens een gesprek met de werknemer vinkt de arts de werkgerelateerde klachten aan die de werknemer spontaan aanbrengt, en vraagt vervolgens systematisch door naar fysieke, cognitieve en affectieve, gedrags- en andere symptomen die de tool daarbij oplijst en die kunnen wijzen op een burn-out, zoals slaapstoornissen, te weinig energie of een laag zelfbeeld. De arts noteert ook met welke frequentie die symptomen zich manifesteren: minder dan één keer per week, één keer per week, enkele keren per week, of minstens één keer per dag.


De tool peilt verder naar gezondheidsklachten die gerelateerd kunnen zijn aan burn-out, naar de klachten die verband kunnen houden met het werk, en naar risicofactoren buiten het werk.

Met al die informatie kan de arts dan al dan niet een diagnose ‘burn-out’ stellen. De tool laat toe om ook andere diagnoses in overweging nemen, zoals chronische vermoeidheid, depressie of relationele problemen door een conflict of intimidatie.

De burn-out-tool bestaat in twee versies: één versie  specifiek voor de arbeidsarts  en één versie  voor de huisarts.

Gepubliceerd op 10-03-2020

  12