VerV ontwikkelt tool voor staand werken

Langdurig staand werken is een risico dat in vele sectoren voorkomt. Om het gezondheidsrisico ervan correct in te schatten ontwikkelde de VerV (Beroepsvereniging Ergonomie) de tool Staand Werken.

Staand werken als gezondheidsrisico

Staand werken is werken op de voeten in een verticale houding, onafhankelijk van de duur en de dynamiek van deze houding. Dit kan dus statisch of dynamisch zijn. Het is een wijdverspreid risico in verschillende sectoren zoals industrie, logistiek, retail, horeca en de gezondheidszorg. Het is ook een onderschat risico. Door de vertraagde bloedcirculatie, en bijgevolg onvoldoende aanvoer van voedingsstoffen, de verhoogde druk in de gewrichten en de energetische belasting, kunnen er heel wat gezondheidseffecten optreden zoals ongemak in de rug en de benen, beenkrampen, maar ook zwangerschapsgerelateerde problemen en cardiovasculaire aandoeningen. Deze laatste treden vaak op latere leeftijd op. In het kader van werkbaar werk is het belangrijk om preventief op te treden en op tijd de juiste preventiemaatregelen te nemen.

Risicofactoren staand werken

De duur en de intensiteit van staand werken zijn de determinerende factoren die het gezondheidsrisico bepalen. Daarnaast zijn er verzwarende factoren die een impact hebben op het staand werken, zoals de houding van de rug, lichaamstrillingen, temperatuur en de ondergrond waarop men staat, en die het optreden van gezondheidseffecten mede gaan bepalen. Lichaamstrillingen en temperatuur hebben namelijk een impact op het vernauwen van de bloedvaten in de benen waardoor de bloedcirculatie nog meer in het gedrang komt.

Preventiemaatregelen

Om het gezondheidsrisico door staand werken aan te pakken is het belangrijk om effectieve preventiemaatregelen te nemen, en daarbij is het goed om de preventiehiërarchie te volgen.

De eerste vraag die gesteld moet worden, is of de taken al staande moeten worden uitgevoerd. Misschien is een combinatie van zitten en staan wel mogelijk. Om deze beslissing te nemen – en dit gaat iets gemakkelijker in de ontwerpfase van een werkpost dan in de correctiefase – worden verschillende criteria in rekening gebracht zoals de mobiliteit van het werk, de nodige krachtinspanning en de mate van precisie.

Daarnaast kunnen er technische maatregelen zoals een verstelbare werkhoogte of een zachte vloer en organisatorische maatregelen zoals jobrotatie, taakverruiming waarbij gestreefd wordt naar een goede afwisseling tussen zitten, staan en wandelen of extra pauzes genomen worden om het risico te verminderen.

Voorbeelden van collectieve preventiemaatregelen zijn een stasteun, zadelstoel, een voetenbaar en stamatten. Bij die laatste is het belangrijk om het juiste type te kiezen. Voorbeelden van persoonlijke preventiemaatregelen zijn zachte inlegzolen en steunkousen. Dit zijn verzachtende factoren die de belasting door het staand werken zullen verlichten.

Risicoanalyse

Codex VIII-1 werk- en rustzitplaatsen legt een risicoanalyse staand werken op aan de werkgever. Wanneer uit deze risicoanalyse blijkt dat het risico aanwezig is, moet de werkgever rust- en/of werkzitplaatsen inrichten. De rusttijden of zittende werktijden moeten ten minste 15 minuten tijdens de eerste helft van de arbeidsdag, en ten minste 15 minuten tijdens de tweede helft van de arbeidsdag bedragen, en ze moeten genomen worden ten vroegste na 1,5 uur en ten laatste na 2,5 uur prestaties.

Het is duidelijk dat de focus van de wetgeving ligt op afwisseling met zitten, omdat dit zorgt voor het doorbreken van de statische belasting en de mogelijkheid geeft tot herstel.

VerV-tool staand werken



De Verv-tool staand werken, ontwikkeld door VerV Beroepsvereniging Ergonomie, is een risicokwantificatietool en beoordeelt volgende factoren:

  • duur staand werken
  • intensiteit statisch staan
  • houding rug
  • temperatuur
  • lichaamstrillingen
  • ondergrond
  • maatregelen
  • afwisseling met zitten (met rugleuning)

De bepalende factoren duur en intensiteit worden vermeerderd met de verzwarende factoren houding rug, temperatuur, lichaamstrillingen en ondergrond, en verminderd met de verlichtende factoren maatregelen en afwisseling met zitten. Op die manier wordt de risicoscore of kans op overbelasting berekend.

Risico = (Duur + Intensiteit + Houding + Temp + Trillingen + Ondergrond) x Maatregelen x Afwisseling

Voorbeeld: vleesversnijding

Een vleesversnijder werkt de hele dag op de voeten aan een lopende band met vlees op. De werkdag duurt 7 uur  en 12 minuten, en er zijn 2 pauzes van telkens 20 minuten waarbij hij kan zitten op een stoel met rugleuning. Hij staat op een in hoogte verstelbaar aluminium bordes van 40 x 60 cm. Zijn mes kan hij bijslijpen aan de lijn vanop zijn bordes, waar hij dus nauwelijks van af moet stappen. De omgevingstemperatuur bedraagt 10°C.

  • Duur: 50
  • Intensiteit: 50
  • Houding rug: 0
  • Temperatuur: 15
  • Lichaamstrillingen: 0
  • Ondergrond: 25
  • Maatregelen: 1
  • Afwisseling met zitten: 1,5
Risico = (50 + 50 + 0 + 15 + 0 + 25) x 1 x 1,5 = 210

Er is hier dus een sterk verhoogd risico op overbelasting ten gevolge van het staand werken. Meer afwisseling met zitten, zittend werk of een extra pauze, zal de meest effectieve maatregel zijn. Dit zal een effect hebben op de duur, intensiteit en/of afwisseling met zitten. Een bijkomende optie is een voldoende groot bordes (90 x 90 cm) voorzien, wat meer variatie in houding toelaat (-25pt). Het risico zal dan sterk dalen.



De VerV-tool staand werken focust zowel op statisch staan als dynamisch staan, en volgt hiermee de Belgische wetgever die een ruime definitie van staand werken hanteert.

Daarnaast heeft de tool een multifactorieel karakter waarbij verschillende factoren uit de literatuur die een verzwarend of verlichtend effect hebben, in rekening worden genomen. Dit maakt de risicobeoordeling meer verfijnd.

Ten slotte worden in de tool de maatregelen geëvalueerd, en wordt duidelijk of deze voldoende zijn of niet. Net zoals de Belgische wetgeving geeft deze tool veel gewicht aan afwisseling met zitten als preventiemaatregel: het uitgangspunt in de tool is dat een hele dag statisch staand werken minimum drie aparte pauzes van 15 minuten moet hebben. Voor dynamisch wandelen is dat minimum twee pauzes van 15 minuten. Door deze nieuwe methode komen heel wat fysieke jobs in aanmerking om te beoordelen, en heeft de ergonoom een tool ter beschikking die invulling geeft aan de Belgische wetgeving.

Zie ook:


Auteur: Anneleen Verhaeghe

Gepubliceerd op 05-11-2020

  55