Veiligheid

Wat is de wettelijk verplichte rusttijd tussen twee shiften?

Hoe wordt de rusttijd tussen twee shiften wettelijk bepaald? Moet er rekening gehouden worden met uitzonderingen en zijn er bijvoorbeeld verschillen tussen sectoren of functies? Onze collega van SocialEye zocht het voor u uit.
 

Wettelijke rusttijd
 

Alle werknemers (mannen en vrouwen) van minstens 18 jaar hebben in elke periode van 24 uur recht op een verplichte rustpauze van minstens 11 opeenvolgende uren tussen het beëindigen en het hervatten van het werk (art. 38ter, § 1 Arbeidswet).

Voorbeeld

Een werknemer stopt met werken om 19 uur; hij mag dus ten vroegste pas de volgende morgen om 6 uur opnieuw beginnen.

Bovendien merken we op dat een dagelijkse rustpauze tussen twee dagelijkse prestaties (11 uur opeenvolgende rust) moet worden toegevoegd aan de zondagsrust of de inhaalrust die wordt toegekend voor een zondagswerk, zodat de werknemer een onderbreking van zijn arbeid (of rust) van 35 opeenvolgende uren kan genieten (art. 38ter, § 3, lid 1 Arbeidswet) (zonder wettelijke toelichting wat betreft de periode waarin deze rust van 35 opeenvolgende uren moet plaatsvinden...).

Voorbeeld

Een werknemer werkt van maandag tot zaterdag 18u. De duur van de rust van 11u wordt in dit geval bij de zondagsrust (24u) gevoegd, wat betekent dat deze werknemer het werk pas de volgende maandag ten vroegste om 5u ‘s ochtends mag hervatten.

Opgelet: jeugdige werknemers (jonger dan 18 jaar) moeten van minstens 12 opeenvolgende rusturen kunnen genieten tussen het einde en het hervatten van de werkdag (art. 34ter Arbeidswet).
 

Uitzonderingen

Er mag worden afgeweken van de verplichte rustpauze van 11 uur en van de toevoeging van deze rustpauze aan de zondagsrust (art. 38ter, § 2 en § 3, lid 2 Arbeidswet):

  • als er werken gedaan moeten worden om een dreigend of een overkomen ongeval het hoofd te bieden (in de onderneming zelf of voor rekening van derden);
  • als er dringende arbeid moet worden gedaan aan machines en materiaal (in de onderneming of voor rekening van derden);
  • als er onvoorziene werken gedaan moeten worden;
  • als de uitgeoefende activiteit is onderverdeeld in verschillende arbeidsperiodes (in de horeca of in ziekenhuizen);
  • bij een ploegenwissel als de arbeid is georganiseerd in doorlopende of elkaar opvolgende ploegen; een werknemer in twee opeenvolgende ploegen aan het werk zetten, is echter niet toegestaan;
  • in alle andere gevallen die voorzien zijn in een collectieve arbeidsovereenkomst die algemeen verbindend is verklaard bij KB.
Sectorale afwijkingen

Uitzonderingen voor sectoren en specifieke functies worden per cao vastgelegd.

Maar één voorbeeld is de cao van 27 augustus 2001 in het PC voor hotelbedrijf (PC 302), in uitvoering van het protocolakkoord van 29 juni 2001 – rusttijd van bepaalde werknemers die tewerkgesteld zijn in opeenvolgende ploegen.

In artikel 2 van deze cao staat: “In uitvoering van artikel 38ter, § 2, 4º van de Arbeidswet van 16 maart 1971 kan in ondernemingen waar een continue dienstverlening moet verzekerd worden en werknemers tewerkgesteld worden in opeenvolgende ploegen, in afwijking van § 1 van hetzelfde artikel, de rusttijd van werknemers tewerkgesteld in de referentiefuncties receptionist (306), nachtreceptionist (316) en night-auditor (821), zoals bepaald in de Collectieve Arbeidsovereenkomst van 25 juni 1997, waaraan werkroosters in ploegen gekoppeld zijn, teruggebracht worden tot 8 uur bij wijziging van uurrooster of wissel van ploegen.

De maximum drie uren rusttijd die aldus niet konden opgenomen worden, zullen gerecupereerd worden tijdens de periode waarin de tijd tussen twee werkroosters toelaat de niet opgenomen rustperiode in te halen.” 

Gepubliceerd op 12-10-2017

  140