Veiligheid

Zonnecrèmes: klopt de beschermingsfactor?

De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) heeft onderzoek gedaan naar de effectiviteit van anti-zonnebrandproducten. Bieden deze steeds de bescherming die ze claimen te bieden?

Zonnecrèmes zijn een klassiek beschermingsmiddel voor werknemers die vaak buiten werken (bouw, groendiensten, ...).
Ze beschermen tegen de schadelijke blootstelling aan UV-A- en UV-B-straling van de zon.
Verbranding door de zon kan op lange termijn leiden tot huidkanker.

De NVWA testte daarom 58 anti-zonnebrandmiddelen op hun effectiviteit.
Het ging daarbij om verschillende merken en prijscategorieën, en om verschillende soorten anti-zonnebrandmiddelen (crèmes, milks, oliën, gels en sprays).

De NVWA doet volgende conclusies en aanbevelingen:

  • Bij het merendeel van de crèmes staat de juiste zonbeschermingsfactor op het etiket vermeld (86%). Bij 14% was de zonbeschermingsfactor lager dan op het etiket stond.
  • In alle geteste producten waren filters aanwezig die bescherming bieden tegen UV-A- en UV-B-straling. Dit is ook de bedoeling. Bescherming tegen UV-B-straling moet vermeld worden door het etiket SPF (Sun Protection Factor). Maar ook het minder bekende UV-A-logo moet vermeld staan op de verpakking.
  • De UV-filters zelf werden ook onderzocht. Sommige van die filters kunnen immers allergische reacties bij kinderen veroorzaken. Daarom moeten deze filters vermeld worden op de verpakking. In 2 monsters werd een filter teruggevonden die niet op het etiket stond. In 2% van de onderzochte producten werd de maximaal toegestane concentratie van UV-filters overtreden.
  • In geen enkel product werd het schadelijke nitrosamine aangetroffen.

Het volledige rapport kan bekeken worden via de website van de NVWA (in PDF).

Gepubliceerd op 27-08-2015

  65